De hond
De hond is een gedomesticeerde (tot huisdier gemaakte) ondersoort van de grijze wolf. De hond is een roofdier uit de familie van de hondachtigen. De hond komt op alle continenten voor en is het oudste bekende huisdier. Al sinds duizenden jaren wordt de hond gebruikt voor bij de jacht, voor bewaking en het drijven en begeleiden van vee. Nog steeds wordt de hond voor verschillende werkzaamheden gebruikt (politiehond, hulphond, jacht), maar de meeste honden worden tegenwoordig gehouden als gezelschapsdier.
grijze wolf
Het domesticatie proces is ongeveer 15.000 jaar geleden begonnen in het Verre Oosten. De leefomstandigheden van de mens veranderden van nomade tot boer waarbij zij langere tijd op dezelfde plek verbleven. De 'wilde honden' zochten de nabijheid van de mens op (voedsel), en de mens probeerden actief de hond te domesticeren.
In de Middeleeuwen worden rond 1350 de eerste medische behandelingen van jachthonden beschreven. Vanaf deze periode worden honden niet alleen gehouden voor de jacht en als waakhond maar ook als gezelschapsdier waarbij men behalve op het doel ook op het uiterlijk van de hond ging letten en fokken. Dit leidde rond 1800 tot het ontstaan van de eerste kennelclubs en rasverenigingen.
Vandaag de dag zijn er 311 verschillende hondenrassen erkend door de Federation Cynologique Internationale (FCI). In Nederland worden de rasverenigingen ondergebracht bij de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland. Honden die niet tot een specifiek ras behoren worden als bastaard, straathond of vuilnisbakkenras betiteld.
Door deze intensieve selectie en fokkerij is er een enorme variatie ontstaan in uiterlijk en gedrag. Zo behoren zowel de chihuahua (1-3kg) als de Deense dog (tot 80 kg) beiden tot de soort hond!
![]() |
![]() |
![]() |
| maltezer | labrador retriever | engelse bulldog |
De hond heeft een sterk ontwikkeld gehoor waarmee ze veel hogere frequenties kan waarnemen dan de mens. De beweeglijke oren maken het tevens mogelijk om het geluid driedimensionaal te lokaliseren. Het orenspel speelt tevens een belangrijke rol bij de de communicatie tussen honden. Vroeger werd aangenomen dat honden slechts grijstinten konden waarnemen. Tegenwoordig weten we dat ze wel degelijk kleuren kunnen waarnemen, maar wel anders dan de mens. De hond ziet zeer waarschijnlijk minder scherp dan de mens, maar juist in de schemer vaak beter. De visus van de hond is meer gericht op bewegende beelden dan op stilstaande dingen. De reukzin is bij honden veel beter ontwikkeld dan bij de mens door het veel grotere aantal reukcellen, de langere neus en het vermogen om veel efficienter geurstoffen uit de ingeademde lucht te halen.







