Wat is exocriene pancreas insufficiëntie (EPI)?

EPI is de aandoening waarbij de alvleesklier geen of onvoldoende verteringsenzymen (lipase, amylase en trypsine) en bicarbonaat (neutralisatie maagzuur) maakt waardoor er een gestoorde spijsvertering (maldigestie) optreedt.

Wat zijn de symptomen van een hond met EPI?

 
Honden met EPI kunnen de volgende symptomen vertonen:

  • enorme eetlust (polyphagie)
  • vermagering
  • grote hoeveelheden vaak lichtgekleurde ontlasting
  • de totale hoeveelheid ontlasting is toegenomen
  • de frequentie van poepen is toegenomen
  • soms diarree
  • soms eten van ontlasting of vreemde voorwerpen
  • soms een ruw haarkleed

Hoe ontstaat EPI?

De meest voorkomende oorzaak van EPI is een slecht ontwikkelde alvleesklier (juveniele pancreasatrofie) waardoor de alvleesklier geen of veel te weinig enzymen maakt. Deze vorm geeft vaak al op jonge leeftijd klachten. Ook kan EPI het gevolg zijn van een chronische alvleesklierontsteking (pancreatitis).

Door de verminderde produktie van de spijsverteringsenzymen lipase (afbraak vetten), amylase (afbraak zetmeel) en trypsine (afbraak eiwitten) wordt het voedsel onvoldoende afgebroken en zullen er niet-afgebroken voedingsstoffen in de darm terechtkomen die veel vocht vasthouden. Dit resulteert in de produktie van grote hoeveelheden ontlasting.

Door de verminderde produktie van bicarbonaat (buffer) wordt de zure maaginhoud onvoldoende gebufferd; dit heeft als gevolg dat de darminhoud te zuur blijft en dit beïnvloedt de darmwerking negatief. Tevens kan de darmwand beschadigd raken door de te zure inhoud en zullen galzouten, eenmaal gebonden aan de zure verbindingen, niet meer opgenomen worden in het lichaam.

Hoe stellen we de diagnose EPI?

Op basis van de klinische verschijnselen zal de waarschijnlijksdiagnose gesteld kunnen worden. De meest eenvoudige test om EPI aan te tonen is de TLI-test (Trypsine-Like-Immunoreactivity) in bloed bij een nuchtere hond. Deze test meet de activiteit van de enzymen trypsine en trypsinogeen in het bloed en bij dieren met EPI zullen de waarden verlaagd zijn ten opzichte van een gezonde hond.

Hoe behandelen we een hond met EPI?

Het tekort aan verteringsenzymen kan aangevuld worden met tabletten of poeder waarin deze enzymen aanwezig zijn. Omdat in de meeste gevallen een tekort of een afwezige alvleesklier de oorzaak van de EPI is zal deze therapie levenslang moeten worden toegepast. Daarnaast is een aangepast dieet aan te raden met weinig vet in kleinere porties verdeeld over de dag. Zo kunnen bij iedere portie de alvleesklierenzymen worden gegeven voor een optimale werking. Het toedienen van extra vitaminen (zoals vitamine B12) is zinvol omdat er vaak een verhoogd verbruik van de vitaminen plaatsvindt in de darm door de grote hoeveelheid bacteriën.


zymoral 240g

Wat is de prognose van EPI?

Over het algemeen is de prognose goed wanneer men een aangepast dieet toe past in combinatie met dagelijks een zorgvuldige gift alvleesklierenzymen. Er zijn echter een aantal oorzaken waarom de therapie niet goed aanslaat:

  • te lage dosering enzymen
  • onjuiste verstrekking van de enzymen (warme maaltijden zoals dinner kunnen enzymen onwerkzaam maken)
  • niet goed aangepast dieet (te veel vet)
  • bacteriële overgroei van de darmflora
  • te veel maagzuur (enzymen kunnen hierdoor onwerkzaam worden)

Te veel maagzuur kan behandeld worden met maagzuurremmers, de bacteriële overgroei van de darm met een jusite antibioticumkuur en bij problemen met de dosering van de enzymen, het dieet en de toediening van de enzymen kan de dierenarts u uitgebreid adviseren.

LET OP! Per 1 juni vervallen de inloopspreekuren aan de Paterswoldseweg!