Wat is diabetes insipidus?

Diabetes insipidus is de aandoening waarbij het hormoon ADH (anti-diuretisch hormoon) ookwel AVP (arginine vasopressine) genoemd, niet goed werkt. Het belangrijkste en vaak enige symptoom bij diabetes insipidus is het buitengewoon veel plassen en drinken. Over het algemeen vertonen de dieren geen andere klachten.

ADH is een hormoon wat in de hypothalamus in de hersenen wordt geproduceerd en wordt via het bloed naar de nieren getransporteerd. ADH bevordert in de nieren de waterresorptie waardoor de urine geconcentreerd kan worden. Wanneer er onvoldoende ADH in de hersenen geproduceerd wordt óf de cellen in de nier reageren onvoldoende op ADH zal het concentrerend vermogen van de nieren afnemen met als gevolg de produktie van enorme hoeveelheden urine. Om dit grote verlies aan vocht te compenseren zal de hond veel gaan drinken.

Wat zijn de symptomen van diabetes insipidus?

Meestal is het enige symptoom enorme hoeveelheden plassen en drinken. Verder zijn de dieren vaak fit en vrolijk en eten goed. Diabetes insipidus komt voor bij alle rassen en op alle leeftijden. Wanneer een hersenprobleem de oorzaak is van de diabetes insipidus worden vaak neurologische klachten gezien. Wanneer de diabetes insipidus secundair is aan een nierprobleem zullen hiervan de symptomen op de voorgrond treden.

Welke soorten van diabetes insipidus zijn er?

Er zijn twee soorten diabetes insipidus:

  • Centrale diabetes insipidus (CDI): Er wordt onvoldoende ADH aangemaakt in de hersenen. Meestal wordt er geen oorzaak gevonden voor deze vorm van diabetes insipidus. Soms is koptrauma of een hersentumor de oorzaak.

  • Nefrogene diabetes insipidus (NDI): De nieren reageren onvoldoende of ADH terwijl de hypothalamus wel voldoende ADH aanmaakt. De meest voorkomende oorzaak van NDI is een nierprobleem waarbij de receptorcellen in de nier onvoldoende reageren op ADH. Aangeboren NDI is een zeldzame aandoening bij de hond waarvan de oorzaak onbekend is.

Hoe ontstaat diabetes insipidus?

Zowel voor de centrale vorm als voor de nefrogene vorm wordt meestal geen oorzaak gevonden. Het is wel raadzaam om door middel van bloedonderzoek en eventueel röntgenfoto's en echografisch onderzoek mogelijke onderliggende aandoeningen zoals nierfalen uit te sluiten.

Hoe stellen we de diagnose?

Op basis van het klinisch beeld en het verhaal van de eigenaar kan de waarschijnlijkheidsdiagnose gesteld worden, maar meestal gebeurt dat na uitsluiting van een aantal andere aandoeningen die -veel plassen, veel drinken- als symptoom hebben. Omdat de meeste dieren geen andere klachten hebben dan het vele plassen en drinken is diabetes insipidus wel een aandoening om aan te denken wanneer veel drinken en plassen de enige klacht is.

Aandoeningen die uitgesloten dienen te worden zijn onder andere:

Een belangrijke aanwijzing voor diabetes insipidus is het extreem lage soortelijk gewicht van de urine. Het soortelijk gewicht van urine geeft aan hoe geconcentreerd het is. Normaal ligt het soortelijk gewicht tussen de 1.020 en de 1.040. Hoe dichter deze waarde bij 1.000 komt, hoe 'wateriger' de urine is. In geval van diabetes insipidus komen we regelmatig een soortelijk gewicht beneden de 1.005 tegen. Over het algemeen geven de overige aandoeningen wel een verlaging van het soortelijk gewicht, maar niet zo enorm als bij diabetes insipidus. Het soortelijk gewicht wordt gemeten met een refractometer.


Refractometer

De waarschijnlijkheidsdiagnose kan bevestigd worden door het toedienen van synthetisch ADH. We gebruiken hiervoor Minrin©-druppels. Deze druppels bevatten desmopressine, een synthetisch analogon van ADH. We vragen de eigenaar om exact te meten hoeveel de hond in 24 uur drinkt. Vervolgens krijgt hij druppels Minrin© in de onderste conjunctivaalzak in het oog. Opnieuw wordt gemeten hoeveel de hond in 24 uur drinkt. Wanneer de hond 50% minder drinkt dan de eerste meting is de diagnose centrale diabetes insipidus gesteld. De nefrogene diabetes insipidus reageert veel minder op toediening van Minrin©; de receptorcellen in de nier zijn immers kapot of minder gevoelig voor ADH.

Wat is de behandeling van diabetes insipidus?

Dieren met diabetes insipidus worden over het algemeen met synthetisch ADH behandeld. Dieren met centrale diabetes insipidus reageren hier over het algemeen erg goed op en kunnen meestal een normaal leven leiden. Dieren met nefrogene diabetes insipidus reageren minder goed op Minrin© en hun behandeling en prognose hangt voornamelijk af van het aanpakken van de primaire oorzaak.

LET OP! Per 1 juni vervallen de inloopspreekuren aan de Paterswoldseweg!